Categoriearchief: geld en economie

Wat geld niet kan…

In een nieuwsbrief van Philip Humbert vond ik de volgende opmerkelijke en humoristische tekst:

About money:

It can buy a Bed, but not Sleep.

It can buy a Clock, but not Time.

It can buy you a Book, but not Knowledge.

It can buy you a Position, but not Respect.

It can buy you Medicine, but not Health.

It can buy you Companions, but not Friends.

It can buy you Sex, but not Love.

It can buy you Excitement, but not Happiness.

So you see, money isn’t everything. And it often causes pain and suffering. I tell you all this because I am your Friend, and as a Friend I want to take away your pain and suffering. So send me all your money and I will suffer for you. Cash is fine. You know how to reach me.

 

A simple plan

De film ‘A Simple Plan’ gaat inderdaad over een simpel plan: drie mannen vinden een neergestort vliegtuigje met een dode piloot en een tas met 4,5 miljoen dollar. Ze willen die 4,5 miljoen graag zelf houden en besluiten de buit op te bergen tot na de winter, als de dooi het inmiddels ingesneeuwde vliegtuig weer zichtbaar maakt en mogelijk mensen op zoek gaan naar het geld.
De film begint met een overweging van Hank, de hoofdpersoon, over wat zijn vader onder geluk verstond en aan het eind van de film zal Hank die simpele staat van geluk nooit meer meemaken.
De film is in feite een verhaal over kiezen, hebzucht en gelukkig zijn. De film kan heel goed in een aantal fragmenten worden onderverdeeld. Bij ieder onderdeel kan de film gestopt worden en de leerlingen gevraagd, wat zij zouden doen en waarom en als ze het fragment gezien hebben, kan de docent de waaromvraag stellen: waarom doen de mensen hier wat ze doen? Hadden ze anders kunnen handelen? Waarom deden ze dat niet?
Hieronder een samenvatting van het filmverhaal.
De cijfers aan het begin van een alinea verwijzen naar het tijdstip in de film, waarop het fragment begint.

A Simple Plan
(1998)
Goedgekeurd voor 16 jaar en ouder

Hank “Mijn vader vertelde me als kind wat een man nodig heeft om gelukkig te worden.
Simpele dingen eigenlijk… Een vrouw om van te houden, een fatsoenlijke baan, goede vrienden en buren en wederzijds respect. En een tijd lang – zonder dat ik me dat realiseerde – had ik dat alles. Ik was een gelukkig mens.”

Vrouw Sarah is zwanger

Hank, Lou en Jacob (broer van Hank) gaan op pad, bezoeken graf van hun vader. Op de terugweg sprint een vos met kippen in zijn bek. Auto remt en tikt tegen een boom. Ze gaan op pad om de vos te schieten. Ruziemakend komen ze op het spoor van een neergestort vliegtuig. De piloot zit er nog in, kraaien zijn bezig hem te eten. Ze ontdekken een tas met geld.

13.18 Hank “ Dit is een zaak voor de politie. Jij blijft hier, dan halen we de politie.”

13.30 Lou: “Als we het nu eens niet inleverden.”

We worden gepakt; we zijn medeplichtig;
Doe dan gewoon niet mee – medeplichtig
Als de vliegtuig vinden en geld missen , komen ze achter ons aan.
Illegaal geld en de politie kent die piloot niet eens.
Amerikaanse droom in een sporttas,
Je werkt voor de Amerikaanse droom, je verdient die zelf.

16.07 Als ik het dan eens bewaar… We wachten tot de lente, als er dan niemand om het geld is geweest, verdelen we het en smeren hem.
Waarom moet jij het bewaren?
Omdat ik het zo wil . Anders leveren we het nu meteen in.
Vertrouw je ons niet?
Met zoveel geld? Ik niet. Geen beloften; als er iemand komt zoeken, verbrand ik het.
Ze doen mee.
Tellen het geld eerst: 4.400.000 dollar.

Lou belooft niets tegen zijn vrouw Nancy te zeggen. Hank denkt dat hij het wel zal doen.
22.40 Hank komt thuis en stelt zijn vrouw de hypothetische vraag wat ze zou doen als ze 4 miljoen in het bos zou vinden. Ik houd het niet, want het is stelen.
Zoekgeraakt geld en niemand zoekt ernaar.
Van wie is het geld?
Van jou.
En van wie was het hiervoor?

Hij gooit het geld op tafel en ze begint te lachen. Aan tafel praten ze erover.
H: “Als we het houden, hoeven we ons geen zorgen te maken”
S: “Maar dat doen we nu toch ook niet. Je hebt een goede baan; we hebben het niet nodig.”
H.: “Maar niemand lijdt schade als we het houden.Dat zou pas een misdaad zijn: als iemand er schade door zou lijden.”
S.: “Het is verboden. Of iemand schade lijdt, maakt niet uit.Je wordt gesnapt en gaat naar de gevangenis.”
H.: “Er wordt niemand gesnapt. Het geld is het enige bewijs dat we iets fout doen.We bewaren het en kijken wat er gebeurt. Als iemand het zoekt, verbranden we het en zijn we er vanaf. Geen enkel risico. Alles is onder controle.”
S.: “En hoe is het Jacob en Lou?”
H.: “Zolang we het geld bewaren, trekken wij aan de touwtjes.”
In bed na de nieuwjaarsborrel thuis zegt Sarah: “je moet teruggaan naar het vliegtuig en een groot bedrag – zo’n 500.000 dollar – terugleggen; als ze dan het vliegtuig vinden, denken ze dat er nog niemand geweest is. Het zou de verdenking wegnemen, niemand laat zoveel geld liggen. Je vertelt Jacob niets. We moeten van nu af voorzichtig zijn, we moeten vooruitdenken.”

27.09 Zegt tegen Jacob dat ze terug naar het vliegtuig moeten, omdat hij de piloot aangeraakt heeft, Jacob op de uitkijk, moet doen alsof hij een band verwisselt. Boer op zoek naar de vos wil met zijn scooter naar het bos rijden. Jacob slaat hem met een stuk ijzer en hij lijkt dood te zijn. Hank zegt Jacob dat hij zal doen alsof het een ongeluk is en hij rijdt met de dode boer richting bos. De boer komt uit zijn bewusteloosheid en zegt:
“Je broer heeft me geslagen, Bel de politie maar.” Hank verstikt de boer tot hij echt dood is.
Hij laat de scooter met de boer erop van de brug schieten om het op een ongeluk te doen lijken. Jacob krijgt wroeging en wil zijn daad en alles erom heen opbiechten. Hank vertelt hem dan dat hij de boer gedood heeft, dus is het zijn beslissing.

36.30 Thuis met Sara kijken ze naar het nieuws, waar het bergen van de scooter te zien is. Sarah zegt, dat ze wilde dat hij Jacob niet meegenomen had. Ze is bang dat hij zal vertellen wat er gebeurd is. Hank: “Vertellen wat ik gedaan heb.” Sarah:”Dat deed je omdat je in de val zat. Je had geen keus.” Hank vraagt Sarah:” Had jij hetzelfde gedaan als je daar had gestaan? Ik moet weten of jij het ook had kunnen doen.”

Jacob vraagt hem naar hun boerderij te komen in de middagpauze. Het is de boerderij waar hun vader twee hypotheken op had, waarna hij failliet is gegaan. Jacob wil de boerderij terugkopen en er weer iets van maken, nu zij het geld hebben. Hank zegt dat ze er van door moeten als ze geld hebben, want anders kunnen ze het verkregen geld niet verklaren. “Je kunt de hele wereld hebben, Jacob,” zegt hij, maar Jacob zegt dat dit het enige is wat hij wil hebben. “Dit is mijn thuis, Hank.”

41.10 Sarah laat Hank een krantenknipsel zien, waaruit zou blijken dat het geld afkomstig is van een ontvoering van een rijke erfgename. ‘Nu weten we dat het gestolen is,” “We wisten dat het gestolen was, alleen niet van wie.”
“We dachten dat het drugsgeld was.”
“Nee, dit is juist goed. Ik dacht dat het gemerkt of zo zou zijn. Maar dat is niet, want het staat hier. Je bent een beetje paranoïde. Het is over. Het zit goed.”

44.01 Lou staat voor Hanks deur en wil zijn aandeel hebben. Hank: “We zouden het bewaren tot we zeker wisten dat alles veilig was.”
Lou: “Geef me maar een pakje. De rest haal ik later wel op.”
“Als je dat nog eens vraagt, verbrand ik het morgenochtend. Duidelijk?”
“ Je bluft.”
“Probeer het maar.”
“Jacob heeft me een geheimpje verteld, meneer de boekhouder. Ik weet wat er met Dwight Stevenson gebeurd is.”

Even later zegt Lou: “Ik ben platzak, ik heb schulden.”
Hank weet het verdelen van de buit uit te stellen tot Sarah bevallen is.

51.00 Sarah is bevallen en heeft het volgende voorstel: “Je moet zo’n minirecorder kopen. Dan nodig je Lou en Jacob uit, voeren hem dronken en laten hem de moord bekennen. Jij gaat eerst, dan Jacob en als Lou gaat praten neem je dat op. Als hij vervolgens moeilijk doet, kun je hem ermee confronteren. We kunnen het toch proberen, we hebben niets te verliezen.”

Hank nodigt Jacob uit om bij hen te komen eten. Ze praten over vroeger. Jacob zegt dat hun vader in hun situatie hetzelfde gedaan zou hebben als zij. Hij wilde altijd alles voor elkaar hebben, net genoeg om een rustig leven te kunnen leiden. Maar dat lukte hem nooit. Als het hem wel gelukt was, zou hij er nog zijn. Dan had hij het niet gedaan. Zelfmoord gepleegd.”

Hank blijkt in de veronderstelling verkeerd te hebben dat ze dronken waren en ze een ongeluk gehad hadden.
Jacob: “Hij had natuurlijk gedacht dat het verzekeringsgeld alles goed zou maken.”

1.06 Jacob helpt Hank de bekentenis te krijgen door een toneelstukje te spelen. Als Hank de band voor Lou afspeelt, wordt die woest en dreigt met een geweer. Jacob haalt zijn geweer uit de truck en er ontstaat een dreigende situatie. Jacob schiet en Lou is dood. Hank zegt tegen Nancy dat het zelfverdediging was en dat zij zijn deel zal krijgen. “Jullie krijgen helemaal niets van dat geld” roept ze en loopt naar de keuken, waar ze een revolver pakt en op Hank schiet. Hij doodt haar en weet Jacob zo ver te krijgen dat ze een geloofwaardig verhaal ophangen waarbij Lou in een dronken bui Nancy vermoordde en zich vervolgens tegen hen richtte.

1.20 Jacob wordt verdwaasd door de politieagent naar Hank gebracht en hij zegt: Voel je je weleens een slechterik? Ik wel.”

1.24 Carl – sheriff- vraagt Hank de volgende middag Jacob langs te sturen omdat een FBI-agent naar hen toekomt om over een neergestort vliegtuig te kijken. Hank wordt paniekerig en zegt tegen Sarah, dat ze het geld moeten pakken en naar het buitenland moeten vertrekken. Sarah houdt haar zinnen bij elkaar en zegt dat hij gewoon erheen moet gaan. “ De mensen zien jou als een normale, aardige man. Niemand verwacht dit soort dingen van jou.”

Sarah vermoedt dat er iets mis met de FBI-agent omdat die praat over een overval op een geldtransport. Sarah: ”Dan zouden er toch ook briefjes van 50 en 10 tussen moeten zitten. Heb je naar zijn legitimatie gevraagd, Ik bel morgen meteen met de FBI of er een agent Baxter werkt. Ik werk aan een plan.”

Hank: “ Een plan; het geld naar het vliegtuig terugbrengen en Stevenson vermoorden? Of Lou stiekem opnemen waardoor er nog twee mensen dood zijn? Weer zo’n plan? Ik heb ook een plan. Ik breng het geld terug. Alles.”

Sarah: “Is dat wat je wilt. Nog dertig jaar werken, wachtend tot je baas met pensioen gaat of sterft, zodat jij opslag krijgt? En Amanda? Moet zij opgroeien in goedkope of tweedehands kleren? Met speelgoed van andere mensen omdat wij niks kunnen kopen? En ik? Wat moet ik? De rest van mijn leven, 8 uur per dag met een valse glimlach met mijn neus in de boeken naar huis gaan om eten voor je te koken. Altijd dezelfde maaltijden, afhankelijk van de kortingsbonnen die week. Uit eten gaan bij speciale gelegenheden. Met een verjaardag of zo. Niet te veel bestellen. Geen voorgerecht. Thuis een toetje eten. Moet dat me gelukkig maken? En dan heb ik het nog niet over Jacob gehad. Bijstand en af en toe een baantje. Hoe lang duurt het voor hij alleen in dat huis vervuilt?”

Sarah belt de FBI en stelt vast de het een nep-agent is. Als ze Hank belt weigert hij de smoes te gebruiken die ze afgesproken hebben en gaat toch mee. Sarah belt Jacob die toch komt opdagen. Ze verspreiden zich in het natuurreservaat. Hank heeft een wapen uit Carls bureau meegenomen. Als het vliegtuig gevonden is, waarschuwt Hank Carl, maar die wordt neergeschoten voor hij er erg in heeft. Hank wordt gedwongen het vliegtuig in te gaan en laadt daar het wapen. Buitengekomen schiet hij de nepagent dood. Jacob wil niet meer liegen.
“Had een ander het geld maar gevonden.”
Hank vertelt het te vertellen verhaal, maar Jacob pakt het pistool van de nepagent en zegt: “Laat het maar lijken dat hij het gedaan heeft.” “Ik ben zo moe. Ik vind het niet erg. Het is goed zo, ik ben niet bang.
Ik wil hier niet mijn hele leven aan denken. Zuipen op de veranda …
Voor jou is het perfect. Je hebt een doel in je leven. Dat weet je. Ik wil hier niet meer zijn.”

“Als je van me houdt, doe je het. Ik geef je de kans. Ik zal je niet aankijken. Ik zal je niet aankijken, maar als je het niet doet, doe ik het zelf en dan we allebei de lul. Daar schieten we niets mee op. Ik doe het echt, Hank. Ik meen het.”

Hank schiet als hij ziet dat Jacob het pistool naar zijn hoofd brengt.

De echte FBI vertelt hem, dat ze het geld enkele uren in handen hebben gehad. Omdat het niet gemerkt mocht worden hebben 20 mensen de nummers opgeschreven en die wachten nu tot het geld op komt duiken.
Hank gaat naar huis en verbrandt het geld, Sarah: “We kunnen naar het buitenland vluchten.” maar hij duwt haar van zich af en verbrandt alles.

Sara werkt in de bieb en Hank in de molen. “Soms hebben we dagen dat we net normale mensen zijn die nergens aan denken, niet aan het geld, niet aan de moorden. Maar die dagen zijn op de vingers van een hand te tellen.”

117 minuten totaal

Wat verdienen we?

Deze vraag is op twee manieren op te vatten: als een zakelijke vraag, waarvan het antwoord op een salarisstrook is af te lezen en als een ethische/levensbeschouwelijke vraag, die te maken heeft met de vraag waar we recht op hebben op basis van allerlei onduidelijke criteria.

De crisis van de afgelopen drie jaar heeft de discussie over een rechtvaardige beloning aangescherpt. Hoe verkoop je een miljoenenbonus voor iemand die alleen maar negatieve effecten voor het bedrijf heeft gehad? Wie zijn vakbondsblad bijhoudt, leest ook voortdurend over bestuurders van scholen die met salarissen boven de balkenendenorm wegkomen.

Wie met leerlingen over deze levensbeschouwelijke aspecten van de geldelijke waardering communiceert – een onderwerp waarover werkelijk iedere leerling een mening klaar heeft – komt ook snel tot de ontdekking dat er in veel gevallen sprake is van de klok en de klepel. Leerlingen noemen bedragen die gewoon niet kloppen en hebben er ook geen idee van wat bepaalde beroepsgroepen verdienen.

Wil je de uitdaging aangaan om enkele levensbeschouwelijke en ethische vragen aan de leerlingen te stellen en hen daarbij de opdracht te geven een onderzoek te doen naar wat er feitelijk verdiend wordt in Nederland, kan nogal wat informatie vinden op http://www.loonwijzer.nl. Op deze webstek komen de meest verschillende beroepen ter sprake. Leerlingen kunnen ook gegevens vinden over het minimumloon en als ze het beroep van hun meest verdienende ouder kennen, kunnen ze daarover ook een indicatie krijgen.
Vanuit dit soort gegevens die herkenbaar voor hen zijn en van waaruit ze hun leven hebben opgebouwd kunnen ze dan verder met jouw vragen, bijvoorbeeld over een rechtvaardige beloning en andere interessante vragen.

Altruïstisch of wereldvreemd?

De Amerikaan Josh Ferrin kocht enige tijd geleden een woning in de buurt van Salt Lake City, blij dat zijn gezin eindelijk een eigen huis kon bezitten. Kort na de aankoop besloot hij de garage te verkennen en zag een stuk stof op de zolder van de garage hangen. Nieuwsgierig klom door het luik de zolder op en voelde achter het gordijn. Hij ontdekte acht metalen dozen, min of meer gelijkend op munitiedozen uit de tweede wereldoorlog. Toe hij er een opende, belde hij meteen zijn vrouw om haar op de hoogte van zijn vondst te brengen. De zeven dozen zaten ieder vol met opgerolde bankbiljetten, alles bij elkaar minstens 45.000 dollar.
“Ik ben niet perfect en ik wou dat ik kon zeggen dat ik in het geheel niet twijfelde. We wisten dat we het terug moesten geven, maar dat betekende niet dat ik niet aan de noodzakelijke reparatie van mijn auto, onze behoefte om een kind te adopteren, wat we op dit moment niet kunnen, of het achterstallig onderhoud aan ons pas gekochte huis heb gedacht. Maar het geld niet van ons om te houden en ik geloof niet dat je vaak een kans krijgt om iets radicaal eerlijks te doen, om iets belachelijk geweldigs voor iemand anders te doen en ik hoop dat het een les is die ik mijn kinderen hoop te leren.”

Ferrin stelde zich de vorige eigenaar, Arnold Bangerter, voor, die op bepaalde momenten een bundeltje van honderd dollar in elkaar rolde, naar zijn zolder ging en het daar in een doos opborg. “Hij spaarde die dollars waarschijnlijk voor zijn kinderen, maar zeker niet voor mij.”
“Ik hoop vader te worden en dan maak ik me zorgen over de toekomst van mijn kinderen. Ik kan hem in mijn gedachten het geld weg zien leggen voor sombere tijden en het zou fout van me zijn hem dat te ontzeggen waar hij jaren voor gewerkt heeft. Het voelde als moest ik nog een hoofdstuk uit zijn leven schrijven, een hoofdstuk dat hij niet zelf heeft kunnen schrijven en het op de juiste manier afronden,” liet Ferrin de journalist noteren.

Bron AP 19-05-2011

Wat voor reacties zouden leerlingen geven op deze situatie?
Hoe zouden ze voor zichzelf een eventuele andere keuze rechtvaardigen?
Wat zou hun reactie zijn op de argumentatie van John Ferrin?

Nationale geldtest

BNN had op 27 januari de Nationale Geldtest, waarin als leidende figuren Patrick Lodiers, Valerio Zeno en prinses Maxima te zien waren. Het was mede het idee van de prinses om in een show van een dik uur de financiële rijpheid van jonge mensen aan de orde te stellen.
Het werd een typische BNN-show met korte clips overal tussendoor, een quiz, waaraan een zestal jonge BN-ers deelnamen en een studiepubliek dat tussen de 16 en 30 jaar oud was.
Een duidelijk onderdeel was een test om te zien tot welk type jij behoort. De mogelijkheden waren:
– big spender
– krent
– financiële planner.

Wie het intro [kan weggelaten worden] en de test wil gebruiken om leerlingen bewust te maken van hun eigen type, heeft 26 minuten nodig.
De uitslag in de zaal was dat 44 % financiële planner, 20 % een krent en 36 procent een big spender was. Opmerkelijk is daarbij dat de feiten uitwijzen dat met name de big spender de grootste kans heeft om in de schulden te geraken.

Er is ook een helder interview van vijf minuten met een jongere die behoorlijk in de schulden. Denise is 20 en heeft al behoorlijke schulden. Eerst ontkende ze de werkelijkheid en probeerde eerder aangegane schulden met nieuwe leningen af te lossen. Wat de zaak alleen maar verergerde. Ze komt elke maand geld tekort om alle rekeningen te betalen. Ze vindt dat je tenminste 50 euro per week moet kunnen uitgeven. Ze gaat met Valerio naar haar eerste afspraak met de schuldsaneerder en verwacht dat die haar helpt om regelingen te treffen met bedrijven die ze nog iets schuldig is en dat ze na drie jaar eruit is en dat de resterende schulden worden kwijtgescholden.
Maar de ambtenaar geeft aan dat ze met een inkomen van 650 euro geen 400 euro aan wonen kan besteden en dat ze haar nu nog niet kan helpen.

Daarna is er nog een kort interview met Eefje van Opdorp, die budget coach is en meewerkt aan het programma ‘Uitstel van Executie”, die vraagt om een realistische houding en niet om een struisvogelpolitiek van jongeren.

Vervolgens is er een test over de geldkennis van de aanwezigen, 10 algemene vragen en 5 vragen over wat bepaalde zaken kosten. Wie 11 -15 vragen goed beantwoordt, heeft een goede kennis van geldzaken, tussen de 6 en 10 beschikt men over een gebrekkige kennis en met lager dan 6 spreken we over nauwelijks kennis van zaken.

De test is ook te vinden op http://geldtest.bnn.nl. Na het maken van de test krijg je de score te zien. Voor mij als levensbeschouwer is de eerste test de interessantst; het is spannend die met de hele klas te doen, waarbij iedereen een eigen scoreformulier invult. Als vervolgens de antwoorden van de BNN-ers komen, kan iedereen zijn type zoeken en dat bekend maken. Onderzoeken of de percentages in een klas anders zijn dan in de studio doet het meestal ook wel goed.

Geldverhalen

Niets is zo sterk als een goed verhaal; dat geldt ook voor levensbeschouwing. Vaak hoor je jaren later nog van leerlingen die vertellend dat ze veel vergeten zijn van de middelbare school, maar dat enkele verhalen, bijvoorbeeld in de vorm van een filmfragment, hen zijn bijgebleven en aan het denken hebben gezet.
Een verhaal werkt ook, omdat er andere mensen hoofdpersoon zijn, over wier acties je kunt praten, je verbazen, prijzen of juist ergeren. Je praat dan over het leven van andere mensen en zogenaamd niet over je eigen leven. Niets is uiteraard minder waar. Doordat leerlingen actief reageren op de handelingen en ideeën van anderen zijn ze daarmee ook actief met zichzelf bezig. Je kunt immers niet anders dan vanuit je eigen referentiekader met zijn eigen waarden, normen en ideeën reageren.

Zeker in deze tijd van economische crisis is het niet verkeerd eens te praten in de klas over levensbeschouwing en geld. Dat levert heel aparte reacties en ideeën op. Wie daarbij op zoek is naar een film, die al dan niet door middel van een fragment leerlingen aan het denken kan zetten, neme een kijkje op de website van manversusdebt, een weblog van een gezin dat probeert tegen de stroom in geen schulden te maken, bestaande schulden zo snel mogelijk af te lossen, hun persoonlijke bezittingen tot een minimum te beperken, want alles wat je bezit kost geld, je moet ervoor zorgen, repareren en onderhouden.
Behalve het persoonlijke verslag van hoe het gezin het gevecht tegen de trend aangaat, schijft de blogger Adam Baker ook over financiële zaken in het algemeen. Een van zijn bijdragen ging over de toptien films over geld in het afgelopen decennium. In de blogbijdrage vertelt hij kort wat er in de film gebeurt, kiest een favoriet citaat en aan het eind van zijn top tien schrjven nogal wat mensen hun commentaar, al dan niet voorzien van nieuwe filmtitels.
De bijdrage is hier te vinden.

Prezi – een interessant presentatiemedium

Prezi is een nieuwe manier om presentaties te maken. Je maakt ze in eerste instantie op internet en later kun je je bestand downloaden en als flash afspelen. Je kunt eventueel ook de prezi-presentatie embedden in je website, zoals met onderstaande prezi gedaan is.
Op de website http://prezi.com vind je enkele korte filmpjes, die snel duidelijk maken wat je met Prezi kunt doen. Interessant is de snelheid waarmee je een aantal zaken op het scherm kunt zetten, er een pad in aan kunt brengen, zodat de presentatie zich volgens het door jou gegeven pad afspeelt. Illustraties en dergelijke zijn ook toe te voegen en het geheel geeft een lekker dynamisch effect.

Het gaat anders dan bij Powerpoint, je werkt in Prezi meer intuitief en creatief; het maken van enkele eigen presentaties kan je snel over de streep trekken.

Een aardige bijkomstigheid is, dat er een gratis versie is, die een aantal beperkingen heeft. Maar voor mensen in het onderwijs bestaat te mogelijkheid door aan te geven welk schoolmaildres je hebt en wat de url van de schoolwebsite is om een betere versie te bemachtigen, die meer werkruimte geeft, maar ook de mogelijkheid om de presentatie te downloaden zodat je die ook offline kunt gebruiken. In de gewone gratis versie moet je alles via de internetverbinding doen, want de mogelijkheid tot downloaden is dan niet aanwezig.

De prezi die ik zelf gemaakt hebt, was bedoeld om een V5 klas te laten zien, wat het alternatieve model van ‘Your money or your life’ inhoudt en waarom dat model niet gaat over simpel boekhouden en zuinig zijn met je geld, maar in feite een door-en-door levensbeschouwelijk verhaal is. Het materiaal zelf staat in Te Denken Geven 5V, hoofdstuk 7.

Recessie maakt ongelukkiger

De volgende tekst ontleen ik aan Trouw van 16 december 2009:

“Minder huwelijken, minder geboorten, meer echtscheidingen en waarschijnlijk meer zelfdodingen. Een economische recessie heeft niet alleen financiële, maar ook sociale gevolgen. In een recessie neemt het aantal werklozen toe en in tijden van hoge werkloosheid zijn mensen minder gelukkig en minder tevreden met het leven. Dat geldt zowel voor mensen met als mensen zonder baan.

Dat staat in het rapport Werkloos in crisistijd dat het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP) woensdag heeft gepubliceerd. Het SCP heeft gekeken wie het meeste risico loopt werkloos te worden, hoe werkloosheid het inkomen van huishoudens beïnvloedt en hoe dit doorwerkt in het persoonlijk welzijn.

Wie zonder werk zit, is minder gelukkig dan mensen met een baan. Is de werkloosheid hoog, dan raakt dit ook mensen die (nog) wel werk hebben. Zij zien om zich heen het aantal werklozen toenemen en vrezen vaak ook zelf voor hun baan.

Zelfdodingen
In de periode tussen 1980 en 2007 ging een toename van het aantal werklozen gepaard aan een stijging van het aantal zelfdodingen. Het schommelde in die jaren tussen de 1350 en 1900 per jaar. Volgens het SCP kan ook in de huidige recessie het aantal zelfdodingen en pogingen daartoe omhoog gaan. Het verband is wel complex, aldus het SCP. “Werkloosheid leidt tot meer zelfdodingen, maar mensen met suïcideneigingen en psychische problemen hebben ook een grotere kans op werkloosheid.”

De financiële gevolgen van werkloosheid lopen sterk uiteen. Sommige groepen gaan er in de WW in inkomen ongeveer de helft op achteruit, andere maar 13 procent. Wie relatief veel verdiende, valt het meeste in inkomen terug omdat de WW-uitkering een maximumdagloon kent waarop de uitkering is gebaseerd.”

Opleiding ethiek voor bankiers

Dat de financiële crisis niet alleen om de portemonnee gaat, maar ook om waarden en normen was velen duidelijk, behalve de mensen die er zelf midden in zaten. Daarom is het volgende bericht uit het Nederlands Dagblad wel interessant:

“Het opleidingsinstituut Comenius gaat samen met de Rijksuniversiteit Groningen een cursus financiële ethiek organiseren. Dat maakte het instituut woensdag bekend. De opleiding, die komend voorjaar van start moet gaan, is bedoeld voor bankiers en bestuurders van financiële instellingen. De ‘leergang’ moet hen helpen kritisch na te denken over regels en principes in de financiële wereld. Dat moet bijdragen aan een “verantwoorde manier van werken in de financiële sector”.

Ethische vragen die aan de orde komen zijn onder meer: ‘hoe ga je om met bonussen?’ en ‘moet een bank zich net als andere bedrijven richten op het belang van aandeelhouders?’, zegt directeur Mark Zwijnenburg van Comenius. Ook zal de opleiding aandacht besteden aan leiderschap en regels voor goed bestuur van een financiële instelling.
Het idee voor een cursus ethiek komt van George Möller, voormalig topman van Robeco en de Amsterdamse beurs, en oud-lid van de commissie Tabaksblat die in 2003 een gelijknamige code opstelde voor goed ondernemingsbestuur. ,,Hij heeft de Rijksuniversiteit Groningen al voor de kredietcrisis hierover benaderd”, zegt Zwijnenburg . “Hij vindt dat in de financiële sector te weinig aandacht is voor ethiek.”

De opleiding van zeven keer twee dagen zal worden geleid door Möller zelf en daarnaast een aantal hoogleraren economie, bedrijfskunde, filosofie en ethiek.

Afgelopen zomer kondigde de Erasmus Universiteit Rotterdam aan bij economische studies meer tijd vrij te maken voor filosofie en ethiek. Aan het eind van hun studie moeten studenten een zogenaamde Erasmusbelofte over integriteit afleggen.”
22 oktober 2009 ND

Scholieren en schulden

Scholieren lenen steeds vaker geld. Een op de vijf scholieren houdt er zelfs risicovol financieel gedrag op na; ze hebben een gat in hun hand. Dat stelt het Nibud in zijn Nationaal Scholierenonderzoek over het afgelopen schooljaar dat dinsdag is gepubliceerd.

Vergeleken met vorig schooljaar hebben steeds minder scholieren er moeite mee zich in de schulden te steken. Nu leent 63 procent van de schoolgaande jongeren geld, tegen 45 procent het jaar ervoor. ,,Het lijkt erop dat scholieren zich niet echt bewust zijn van de risico’s van lenen”, stelt het Nibud. Vooral meisjes, vmbo-leerlingen en vijftien- en zestienjarigen kunnen slecht met geld omgaan. ,,Ze sparen minder, lenen vaker, komen vaker geld tekort en vinden omgaan met geld moeilijker dan andere scholieren”, aldus het Nibud.

Het budgetteringsinstituut maakt zich zorgen om de rol van de ouders in het uitgavenpatroon van de kinderen. Bij scholieren die risicovol gedrag vertonen, komt het vaker voor dat de ouders zich niet met de geldzaken van de kinderen bemoeien en vaker geld krijgen van hun ouders. Een toenemende groep ouders betaalt veelvoorkomende uitgaven van hun kinderen, zoals de kosten voor het mobieltje. In 2004 betaalde 20 procent van de ouders die kosten, nu is dat opgelopen tot 30 procent. Het aantal ouders dat de kleding van het kroost betaalt, is in vijf jaar tijd opgelopen van 30 procent naar 60 procent.

Kleedgeld
Zelfs wanneer kinderen kleedgeld krijgen, wordt de kleding toch vaak nog door de ouders betaald. Het Nibud noemt dat ,,onbegrijpelijk”. Ouders ontnemen hun kinderen daarmee de kans met geld te leren omgaan.

Geld hebben en uitgeven is ook veel belangrijker geworden voor scholieren in de afgelopen jaren. Was de schoolgaande jeugd in 1984 nog goed voor een maandelijks bestedingspatroon van 45 miljoen euro, nu is dat opgelopen naar 85 miljoen euro.
[bron: trouw 23 juni 2009]

In haar column in NRC Next schrijft Erica Verdegaal hier ook over. Zij zegt over de ouders:
“Het Nibud heeft natuurlijk groot gelijk. Denk echter niet dat ouders hierdoor massaal het licht zullen zien. En hun kroost geld en goederen gaan onthouden om ze daarmee iets te leren. Ouders verwennen hun kinderen om diverse redenen. Een daarvan is hun eigen onzekerheid. Kinderen maken indruk op leeftijdgenoten via de laatste mode, de nieuwste mobiel, een verre vakantie of veel kleedgeld. Onzekere ouders zijn als de dood dat hun nageslacht niet meetelt of impopulair is. En dus betalen ze maar weer. Het effect is uiteindelijk averechts: hun kinderen worden later ook onzekere ouders met mogelijk geldproblemen. Probeer die vicieuze cirkel maar eens te doorbreken.”
[NRC Next 23 juni 2009]
Mij lijken deze gegevens aardig genoeg om er een enquête voor leerlingen van te maken en samen te reflecteren op de uitkomsten en de waarde(n) die geld voor hen betekent.
LIA 136 3 september 2009

Eenzaamheid in Nederland

Driekwart van de Nederlanders is van mening dat steeds meer mensen zich eenzaam voelen door de toenemende individualisering. Dat eenzaamheid een groot probleem is binnen de Nederlandse samenleving is te zien aan een forse stijging van het aantal Nederlanders dat zelf aangeeft zich eenzaam te voelen. Tien procent van de Nederlandse bevolking – meer dan 1.100.000 mensen – geeft aan zich vaak eenzaam te voelen. Dit is een verdubbeling ten opzichte van meetjaar 2003 (5%). Eenzaamheid treft niet alleen ouderen: 12% van de 18 – 24 jarigen geeft aan zich vaak eenzaam te voelen.

Het Leger des Heils laat regelmatig in kaart brengen hoe de Nederlandse bevolking aankijkt tegen sociale issues in onze samenleving. Motivaction heeft in opdracht van het Leger des Heils onlangs zo’n representatief onderzoek uitgevoerd. In het onderzoeksrapport ‘Geloof jij dat je betrokken bent’ staan een aantal opvallende feiten.

Tevredenheid en zingeving
Vergeleken met vijf jaar terug zijn minder Nederlanders tevreden met hun leven. Het betreft vaker mensen die zich buitengesloten voelen, alsmede zich niet verbonden voelen met de omgeving. Mensen die ontevreden zijn hebben vaker geen vrienden of hebben nooit vrienden gehad. In de meting van zeven jaar geleden (2001) gaf 27% aan het eens te zijn met de stelling ‘ik heb echt behoefte aan iets wat mijn dagelijks leven nog zinvoller maakt’, nu is dat 34%. Acht procent van de geënquêteerden geeft aan dat het leven geen zin heeft (2003: 3%).

Toename problematische schulden
670.000 mensen (6%) hebben financiële schulden die ze niet op eigen kracht kunnen aflossen. Mensen die financiële zorgen hebben, geven vaker aan zich buitengesloten te voelen en zich weinig verbonden te voelen met de omgeving. Een meerderheid van de Nederlandse bevolking is van mening dat deze problemen de maatschappij geen goed doen en leiden tot een toename van eenzaamheid. Dit sluit aan bij de dagelijkse ervaringen van medewerkers van het Leger des Heils dat het hebben van problematische schulden belemmerend werkt bij het oplossen van andere problemen.

Opvatting over daklozen en andere kwetsbare groepen

Nederlanders hebben in vergelijking met voorgaande jaren een realistischer beeld van daklozen en kwetsbare groepen in de samenleving. De problematiek rond deze groepen wordt erkend. Minder Nederlanders wijten de problemen waarin deze kwetsbare groepen zich bevinden aan de kwetsbaren zelf. Desondanks maken minder Nederlanders zich zorgen over deze groepen, hetgeen een dalende actieve betrokkenheid impliceert. Met het te dichtbij komen van de problemen in de samenleving, lijkt het NIMBY-effect (Not In My BackYard) in onze maatschappij te groeien.

Samenvattend
Sociale issues worden waargenomen of zelfs persoonlijk ervaren. Nederlanders weten steeds beter wat de problematiek is van kwetsbare groepen. Tegelijkertijd maakt de gemiddelde Nederlander zich minder zorgen om kwetsbare groepen zoals eenzamen en mensen die niet meer meedoen in de samenleving. De actieve betrokkenheid vermindert. Dit blijkt ook uit het gegeven dat de overgrote meerderheid van mening is dat mensen in Nederland te veel op zichzelf zijn gericht en te weinig rekening houden met anderen. Nederlanders relateren dit echter niet aan het eigen leven en de eigen verantwoordelijkheid. De reactie van Ine Voorham, directeur van de Stichting Leger des Heils Welzijns- & Gezondheidszorg hierop is: ‘Iets voor een ander kunnen betekenen maakt de ander en jezelf gelukkig. Duizenden professionals en vrijwilligers van het Leger des Heils ervaren dat. Zo’n ervaring gun ik eigenlijk iedereen’. ‘Geloof jij dat je betrokken bent?’ is daarmee een passende titel van het onderzoeksrapport.

Bron: Geloof jij dat je betrokken bent?, Leger des Heils 09.01.2009
LIA 133 15-6-2009

Zeven hoofdzonden, wat die ik ermee?

Bekend zijn de zeven hoofdzonden vanuit de Middeleeuwen.

Denk aan de film Seven

Er zijn ook nieuwe hoofdzonden door het Vaticaan bedacht [of doodzonden?]

Aardig is ook zeven zonden in uitgaven: http://www.dumblittleman.com/2008/05/seven-spending-sins-fast-track-to.html

Misschien beter in het deeltje over levensbeschouwing en geld?

Eindopdracht zou kunnen zijn om de verschillende lijstjes serieus te nemen en een eigen lijst van hoofdzonden te laten maken met toelichting.

Affluenzatest

Jaren geleden heb ik me gewaagd aan een lessenserie over levensbeschouwing en economie onder de titel “Je geld of je leven”. Ik heb het ook enkele malen gegeven totdat de ruimte ervoor binnen het programma te krap werd. Wat me toen wel opviel is dat leerlingen bij dit thema de grootst mogelijke moeite hebben om buiten het gangbare systeem te denken. Binnen de themata van de tweede fase leggen we de leerlingen uit:

* In elke cultuur is er sprake van een dominant perspectief. Wat is dat t.a.v. dit thema?
* Zijn er alternatieven denkbaar, die je in plaats van het dominante denken kunt plaatsen?
* Wat is na zorgvuldige afweging van beide mogelijkheden voor mij het beste?

Het kan in de lessen levensbeschouwing niet de bedoeling zijn de leerlingen voor te houden welk perspectief het beste is. Het gaat erom bij beide perspectieven vragen te stellen die het mogelijk maken later een verantwoordere keuze voor een van beide te maken. Als ze aan het eind van de lessen voor het dominante perspectief kiezen, hebben ze het in ieder geval bewust gedaan. En daar is dan veel mee gewonnen.

Omdat de lessentabel van het vwo bijgesteld is, voor de eerste keer in vele jaren naar boven: van 120 naar 160 uur, komt er ruimte vrij om dit thema weer op de agenda te plaatsen. Al experimenterend met verschillende werkvormen heb ik een affluenzatest gemaakt. Het gaat om 15 uitspraken die over omgaan met geld en goed gaan, waarvan de antwoorden een bepaald punt opleveren en aan het eind weet de leerling of zhij licht of juist zeer zwaar met het affluenzavirus besmet is.


De vragen 1 t/m 9 en 15 leveren 20 punten voor JA, voor NEE 10 punten.
De vragen 10 t/m 14 leveren voor Ja 0 punten, voor NEE 20 punten op.

Uitslag:
100-150 punten: je bent redelijk ongevoelig voor het affluenza virus.
160-220 punten: je loopt serieus gevaar, tenminste 2 aspirines nemen.
230 – 300: je moet alle creditkaarten doorknippen en snel naar de dokter gaan.

De test is ook klassikaal te maken door de test via de beamer te projecteren en de leerlingen na elke uitspraak zelf een plusje of minnetje te laten schrijven. Daarna krijgen ze de puntentelling en noteren de uitkomst, die vervolgens door iedereen voorgelezen wordt.

Jongeren en geld

Het lijkt allemaal zo makkelijk als je naar de reclames op tv kijkt: geld lenen. Maar er zitten natuurlijk altijd haken en ogen aan de voorstelen van de leenmaffia. Vooral jongeren blijken dit niet altijd door te hebben: 30 procent leent namelijk geld zonder van te voren te bekijken of ze in staat zijn de lening terug te betalen. Meer dan een derde van de jongeren boven de 21 leent wel eens geld. De helft hiervan doet dat bij de bank. 30 procent van de jongeren die een lening bij de bank heeft, heeft geen idee hoe hoog de rente van die lening is en hoe lang ze moeten aflossen.

Het Nationaal Instituut voor Budgetvoorlichting (Nibud) concludeert in het onderzoek Financieel gedrag van jongeren, achtergronden & invloeden dat jongeren met onvoldoende financiële kennis en inzicht verantwoordelijk worden gesteld voor hun eigen financiën. Een betere financiële opvoeding thuis en op school kan er voor zorgen dat minder jongeren (financiële) problemen krijgen.

De loesje-tekst uit 1986 blijkt nog steeds waar: een kwart van de jongeren van 15 tot en met 25 jaar heeft namelijk moeite met rondkomen. Twee op de vijf jongeren staat wel eens rood en 20 procent zelfs regelmatig. Hoe ouder en hoe meer verantwoordelijkheid de jongere heeft, hoe meer moeite het hem kost om zijn financiën in balans te houden. Meer dan de helft van de jongeren die op zich zelf woont, staat rood.

Weinig jongeren sparen een vast bedrag per maand. De meeste jongeren, 55 procent, sparen alleen als er geld overblijft. Gemiddeld heeft 85 procent van de jongeren een spaarrekening. Jongeren op het mbo en werkloze jongeren hebben dat echter veel minder vaak: 77 en 55 procent.

Volgens het Nibud hebben jongeren te weinig financiële kennis. Vaak weten ze niet wat ze allemaal moeten regelen: 40 procent weet bijvoorbeeld niet hoe zorgtoeslag aangevraagd moet worden. Jongeren moeten daarom door ouders en school beter voorbereid worden op financiële verantwoordelijkheid.

[Bron: In feite 22 april 2008 door Eline Levering]