De atheïst en de beer

Om het jaar wat luchtig te beginnen, een vrolijk verhaal over een atheïst en een beer. Het is uiteraard als grap bedoeld, maar er is ook een aardige proefwerkvraag van te maken. U leest die aan het eind van het verhaaltje.

Een atheïst liep door het woud: “Wat een geweldige bomen! Wat een machtige rivieren! Wat een mooiere dieren!”, zei hij tot zichzelf.

Terwijl hij langs de rivier liep, hoorde hij iets ritselen in de struiken achter hem. Hij keek om en zag een twee meter hoge grizzly beer op hem af komen.

Hij rende zo snel hij kon het pad op. Hij keek over zijn schouders en zag dat de beer hem aan het inhalen was.

Hij keek nog eens over zijn schouder en de beer was nog veel dichterbij. Hij struikelde en viel op de grond. Hij rolde door om op te staan, maar zag dat de beer recht boven hem was, zijn linkerklauw naar hem uitstak en zijn rechterklauw ophief om hem te slaan.

Op dat moment riep de atheïst uit: “Oh, mijn God!”

De tijd stopte.

De beer bevroor.

Het woud was doodstil.

Een helder licht scheen over de man en een stem klonk vanuit de hemel: “ Jij ontkent mijn bestaan al deze jaren, onderwijst anderen dat ik niet besta en maakt van de schepping een kosmisch toeval. Verwacht je nu van mij dat ik je uit deze benarde situatie help? Moet ik je wel tot de gelovigen rekenen?”

De atheïst keek recht in het licht: “Het zou hypocriet van me zijn U te vragen om mij nu plotseling als een christen te behandelen, maar misschien kunt u van de beer een christen maken?”

“Dat is goed,” zei de stem.

Het licht verdween. De geluiden uit het woud kwamen weer tot leven. En de beer bracht zijn beide klauwen samen, boog zijn hoofd en sprak: “ Heer, zegen deze spijs, die ik dankzij uw gulheid mag ontvangen door Christus onze heer, Amen.”

Een aardige proefwerk- of discussievraag hierbij lijkt me:

Wat had de atheïst verwacht dat de beer zou doen als hij christen was geworden en waarom dat dan?

Mijn eigen gedachten hierbij waren:

• Hij verwacht dat de beer ineens begrijpt dat hij zich aan het zesde gebod” gij zult niet doden’ moet houden;

• Christenen zijn geweldloos, liever de linkerwang toekeren.

• Christenen hebben hun vijanden lief, dus laat de beer hem met rust.

Mogelijk komen leerlingen op nog veel creatievere oplossingen.