Toon Tellegen 3

Een andere Toon Tellegentekst kwam ik tegen door mijn documenten op de computer te laten doorzoeken op de term ‘Tellegen’. Daarbij kwam als tweede tekst de jaarrede van Kees Hamers in 2005 naar voren.

[In zijn tekst kon Kees weinig goeds vinden in de term ‘participatiemaatschappij’, waar toen al sprake van was en waar Kees zijn profetische pijlen op richtte. We weten nu waartoe die mooie term heeft geleid de afgelopen maanden.]

Maar er loert wel gevaar. Niet zozeer van schoolbestuurderen. Velen van hen zijn doordrongen van de meerwaarde van levensbeschouwing in het vormingsaanbod. Nee, het gevaar zit ‘m erin dat wij een uitstervend ras dreigen te worden. Waar zijn immers de frisse jongens en meisjes die zich in groten getale melden om docent levensbeschouwing te worden?

Wij willen graag in het eindexamenprogramma, we willen graag dat het vak levensbeschouwing in alle veranderingen die plaatsvinden zichtbaar en herkenbaar blijft in de scholen, maar dat alles staat of valt met goed geschoolde en gemotiveerde leerkrachten. De toenemende aandacht voor levensbeschouwing in onze samenleving heeft helaas nog niet geleid tot een toenemende belangstelling voor een docentschap in die richting.

Daarom tot slot een verhaaltje van Toon Tellegen uit de bundel: “Bijna iedereen kan omvallen”

Denk je dat we ooit afgelopen zijn, eekhoorn?’ vroeg de mier op een keer.

De eekhoorn keek hem verbaasd aan.

‘Nou, zoals een feest afgelopen is,’ zei de mier. ‘Of  een reis.

De eekhoorn kon zich dat niet voorstellen.

Maar de mier keek uit het raam naar de verte tussen de bomen en zei: ‘Ik weet het niet, ik weet het niet…’ Er verschenen rimpels in zijn voorhoofd.

‘Maar hoe zouden we dan moeten aflopen?’ vroeg de eekhoorn.

Dat wist de mier niet.

‘Als een feest is afgelopen gaat iedereen naar huis,’ zei de eekhoorn. ‘En als een reis is afgelopen wrijf je in je handen en kijk je of er nog een potje honing in je kast staat. Maar als wij zijn afgelopen…’

De mier zweeg. Hij maakte een raar geluid met zijn voelsprieten.

‘Wat is dat voor een geluid?’ vroeg de eekhoorn. ‘Knakken,’ zei de mier.

Daarna bleef het lange tijd stil.

De mier stond op en begon, met zijn handen op zijn rug, door de kamer heen en weer te lopen.

‘Denk je erover na?’ vroeg de eekhoorn. ‘Ja,’ zei de mier. ‘Weet je het al?’ ‘Nee.’

De mier ging ten slotte weer zitten.

‘Ik weet het niet,’zei hij. ‘Ik weet vrijwel alles, dat weet je, eekhoorn…’

De eekhoorn knikte.

‘Wat ik niet weet,’ging de mier verder, ‘mag geen naam hebben. Maar of wij ooit aflopen…’

Hij schudde zijn hoofd.

De eekhoorn schonk nog een kopje thee in. De mier nam en onzeker slokje.

Ik dank u voor uw aandacht en wens u een zinvolle dag toe