Vrienden zonder grenzen 2

In Lia 171 vroeg ik collegae wie er hoe gewerkt heeft met de serie ‘Vrienden zonder grenzen’. Er waren twee belangwekkende reacties, die collegae een indruk kunnen geven van de bruikbaarheid van de afleveringen.

Paul Goossens, docent aan het VHL Rijnsburg schreef: “Wat “Vrienden zonder grenzen” betreft, ik heb alleen ervaring met de eerste serie (Fatma en Kees). De leerlingen van het VMBO (klas 2 en 3) waar ik die serie gebruikte, waren dolenthousiast over de eigentijdse filmpjes en konden goed discussiëren over de achterliggende vooroordelen. Voor de HAVO heb ik wat twijfels gezien het taalgebruik. Ik heb de filmpjes bij de HAVO-klassen gebruikt, maar kreeg daar veel meer de reactie van “Wow, dat is heavy”. Ze vonden de filmpjes daar dus niet minder boeiend, maar zijn dit taalgebruik toch minder gewend, lijkt het. Maar het is maar net op wat voor school en omgeving je lesgeeft. Zelf geef ik geen les in een verstedelijkt gebied, daar zal het materiaal ook meer algemeen bruikbaar zijn dan in een meer dorpse ons-kent-ons omgeving. Ook in een wat strenger christelijke omgeving (waar ik nu werk) zou ik goed van te voren afwegen of het passend is.”

Hannie Hoefnagels reageerde met: “Rond het jaar 2005 hebben wij serie 1 van Vrienden zonder Grenzen gebruikt. Zowel in vmbo2, als havo en vwo 3 als vwo4. In alle lagen sloeg de film heel goed aan. Waarmee je vraag of de serie specifiek voor vmbo is, al meteen is beantwoord. Nee, in alle jaarlagen konden leerlingen zich in de problematiek herkennen en zich ook met een personage identificeren, wat een belangrijke kracht van deze serie is.
We gebruiken de serie nu eigenlijk niet meer omdat we andere digitale middelen hebben, havo 3 en vwo 4 geen lb. meer hebben, we een nieuwe methode hebben en er ook nog ander mooi materiaal is.”