Waarom levensbeschouwing een partijdig vak is

Levensbeschouwing is een partijdig vak

Bij het afscheid van eveneens weer Jan van Lier is er een liber amicorum verschenen, waarin velen die met Jan gewerkt hebben hun licht op bepaalde aspecten van het vak levensbeschouwing hebben laten schijnen. Mijn bijdrage ging inderdaad over de partijdigheid die het vak levensbeschouwing mijns inziens moet hebben.

Het kan niet zijn dat levensbeschouwing het dominante perspectief bevestigt. Wil je leerlingen helpen autonoom te zijn, dan moet die leerling ook keuzemogelijkheden hebben. Dat betekent dat een docent bereid moet zijn om taboe-onderwerpen aan te pakken en niet daarvoor zijn kop in het zand moet steken. Ik kan me nog goed de negatieve reacties van verschillende kanten herinneren, toen ik van mening was en nog steeds ben, dat een thema als zelfdoding een plaats in het curriculum moet hebben. Leerlingen waren het er niet mee eens, een gesprek met een schoolleider was onvermijdelijk en een moeder schreef een brief aan de rector om dit soort van lessen te weren en meer aan gelukskunde te doen.

In deze zogenaamde postmoderne tijd is de geloofwaardigheid van de grote verhalen verdwenen, zegt men. Maar een verhaal dat voor zoete koek wordt geslikt en dat concrete mensen en de mensheid veel kwaad kan en zal berokkenen is de neo-liberale tijdgeest, die zich onbetwist en arrogant als vanzelfsprekend nieuw groot verhaal presenteert.

Waarom levensbeschouwing een partijdig vak moet zijn, lees je in

http://www.uitgeverijwvandenoever.com/blog/blog/2014/12/levensbeschouwing-is-een-partijdig-vak/